Zo wordt de quotumheffing berekend

De berekening van de quotumheffing wordt per werkgever gemaakt op het niveau van het fiscaal nummer. Voor werkgevers is dat een bekende en herleidbare afbakening. Het gaat om het niveau waarop werkgevers werknemerspremies afdragen en het niveau waarop de hoogte van de WIA-premie per werkgever wordt vastgesteld.

Het quotumpercentage wordt voor elke sector apart (markt en overheid) berekend met deze formule:
(1. aantal banen nulmeting) + (2. totaal aantal banen in jaar t x (3. gemiddelde aantal verloonde uren doelgroep)
gedeeld door
(4. totaal aantal werknemers jaar t) x (5. gemiddeld aantal verloonde uren per werknemer).

Berekening van de quotumheffing

1. Aantal banen uit de nulmeting. De nulmeting geeft het aantal reguliere banen waarin de mensen uit de doelgroep op 1 januari 2013 werkten.

2. Het totaal aantal extra banen dat voor een bepaald jaar (= jaar t) is afgesproken voor de mensen uit de doelgroep.
Om het quotumpercentage voor jaar t te berekenen, wordt het totaal aantal extra banen van het jaar vóór jaar t (= jaar t-1) genomen + de helft van het aantal extra te realiseren banen voor jaar t.

De banen voor jaar t tellen voor de helft mee in het quotumpercentage, omdat werkgevers een jaar de tijd hebben om deze extra banen te creëren. De formule voor berekening van de quotumheffing houdt zo rekening met het feit dat in januari van jaar t alle banen nog niet gerealiseerd zijn, maar dat werkgevers deze banen geleidelijk in dat jaar invullen.

3. Gemiddeld aantal verloonde uren doelgroep. Uit de nulmeting bleek dat iemand uit de doelgroep gemiddeld 25,5 uur per week (1.331 uur per jaar) werkt.

4. Het totaal aantal werknemers in jaar t. Jaarlijks wordt gekeken naar het totaal aantal werknemers dat in de marktsector of in de overheidssector werkt.

5. Gemiddeld aantal verloonde uren per werknemer. Werknemers in Nederland werken gemiddeld 31,1 uur per week (1.623 uur per jaar).

Bron: ministerie van SZW